Opdrachtgever Wagemaker: Rijkswaterstaat, Directie Oost-Nederland
Omschrijving opdracht: Wagemaker heeft het definitief ontwerp en het uitvoeringsontwerp gemaakt van in totaal 13 kunstwerken.
Project in zijn context
Het project betreft de aanleg van Rijksweg 35 / 36 in het traject van Wierden tot Almelo. De nieuwe A35 zorgt vanaf 2008 voor een betere bereikbaarheid en doorstroming van het verkeer op de rondweg van Wierden en in de gemeente Almelo. Bovendien krijgt de regionale economie een belangrijke impuls, omdat industrieterreinen in Almelo, Wierden en Vriezenveen een betere ontsluiting hebben op het hoofdwegennet. In de nieuwe rijkswegen zijn een aantal bestaande kunstwerken aangepast en er zijn een aantal nieuwe kunstwerken gerealiseerd. Het betreft in totaal 13 kunstwerken.
Projectinhoudelijk
De kunstwerken bestaan uit diverse viaducten, tunnels en een brug over het Twentekanaal. Als kick-off is er met de opdrachtgever een brainstormsessie georganiseerd om te komen tot besparingen en tot een praktisch ontwerp. Wagemaker heeft voor de aannemerscombinatie het ontwerp verzorgd. Voor de kunstwerken zijn tekeningen ten behoeve van welstand, een definitief ontwerp en een uitvoeringsontwerp gemaakt.
Eén van de kunstwerken betreft een zowel horizontaal als verticaal gekromde brug, die onder een zeer schuine hoek kruist met het Twentekanaal. Ook overspant het dek twee lokale wegen. De constructiehoogte is relatief gering. De brug is gebouwd met in situ betonnen eindvelden en prefab betonnen kokerliggers met een lengte van maar liefst 50 meter als middenveld. Met een totale theoretische overspanning van 122 meter is deze brug het grootste kunstwerk van het werk. Om zorg te dragen voor een goede werkvoorbereiding en uitvoerbaarheid is de complexe tandoplegging in 3D uitgewerkt. De toepassing van het 3D-modelleren heeft hier een cruciale rol gespeeld binnen het ontwerpproces.
Omdat er sprake was van een scheef ruitvormig gedimensioneerd dek, was de betonnen oplegtand, met een zeer geringe constructiehoogte, lastig te wapenen. In deze tand moesten, op twee hoogten, voorspankoppen worden aangebracht. Op het eerste gezicht leek het wapenen van deze slanke tandconstructie een onmogelijke opgave. Door het 3D-modelleren ontstond echter een praktisch uitvoerbare oplossing. Bovendien werd door het gebruik van 3D-visualisaties de constructie inzichtelijk voor de voorspanleverancier en de vlechtcentrale. Geen groot aantal 2D-tekeningen op tafel, maar slechts één 3D-prent waaruit iedereen kon opmaken waar de problemen zaten. Hierdoor verliep het overleg over constructieve aanpassingen doelgerichter en werden er sneller maakbare oplossingen gecreëerd.



